Zijn gebarentalen een noodsprong van de hersenen om toch nog te kunnen communiceren? Volgens Corballis is dat niet zo. Sterker nog: zij waren de eerste mensentalen, nog voor de gesproken talen.
Een argument voor zijn theorie zijn de gebarentalen die nog gebruikt worden door bijvoorbeeld natieve Amerikanen, Aboriginals en groepen waar men een zwijgplicht kent. Een vergelijking tussen de gebarentalen van Doven en die van natieve Amerikanen werd al in 1930 gemaakt.
Tegenwoordig bestaat er in de Verenigde Staten een trend om ook horende baby’s gebarentaal te leren: BabySign. Op die manier komt de communicatie tussen ouder en kind eerder op gang. Kinderen kunnen namelijk eerder gebaren dan spreken. Deze baby’s doen dan wat horende (en Dove) baby’s van Dove ouders altijd al doen: brabbelen in gebarentaal.
Voor horende kinderen van Dove ouders is het handig dat zij tweetalig opgroeien. Daardoor gebeurt tevens dat zij andere en meer hersengebieden gebruiken dan eentalige dove of horende kinderen. Ook Lisa Chipongian wijst op de cognitieve voordelen van tweetaligheid. Voor Dove kinderen is het echter een noodzaak om tweetalig op te groeien. De gesproken taal alleen is onvoldoende toegankelijk en kost jaren van inspanning om het te begrijpen. Een risico is dat daarmee de identiteitsontwikkeling van deze kinderen gehinderd wordt.
Alleen gebarentaal is echter ook niet wenselijk, om te kunnen lezen en schrijven is ook kennis van een gesproken taal nodig. Francois Grosjean ijvert daarom voor het tweetalig opvoeden van Dove kinderen. |