De leden van de Dovengemeenschap zijn over het algemeen doof geboren en hebben les gevolgd op een dovenschool. Een groot deel daarvan heeft de schooltijd doorgebracht in een internaat dat aan de dovenschool verbonden is. Dit is afhankelijk van het land waar ze wonen en de afstanden tussen hun ouderlijk huis en de dichtstbijzijnde dovenschool.
Over het algemeen zijn Dovengemeenschappen opgebouwd uit groepen oudleerlingen die vrijwel hun gehele jeugd met elkaar hebben doorgebracht. Deze leerlingen kennen elkaar door en door. Ook na de schooltijd blijft men met elkaar omgaan door elkaar te ontmoeten in gezelligheidsverenigingen, sportclubs en kerkdiensten voor Doven binnen de regio van de dovenschool.
Hoe belangrijk de scholen zijn blijkt wanneer men nog niet bekend is. Eén van de eerste vragen die aan Dove nieuwelingen gesteld wordt is namelijk: "Van welke school ben jij?". Horende nieuwelingen wordt gevraagd: "Wie zijn je ouders, en van welke school zijn ze?" Zo was het tot enkele tientallen jaren geleden. Inmiddels is de Dovengemeenschap een zeer en heeft lang niet iedereen nog op een internaat gezeten.
|